Werken voor betekenis of betekenis voor je werk?

Daar werd ik even bij stilgezet. We zijn allemaal op zoek naar betekenis. Naar significantie en zingeving. Naar een nuttige bijdrage. We willen ertoe doen. Als we een gezonde levensstijl hebben zijn we ongeveer 1/3 van onze tijd kwijt aan slapen. Als we een fulltime baan hebben zijn we zeker 1/3 van onze tijd kwijt aan het werk wat we doen. Dan houden dus ongeveer 1/3 over voor andere dingen. En toch zoeken veel van ons betekenis en zingeving buiten ons werk. We werken om iets anders te bereiken. Datgene wat zingeving en betekenis aan ons leven gaat geven.

Daar werd ik even bij stilgezet.

We zijn allemaal op zoek naar betekenis. Naar significantie en zingeving. Naar een nuttige bijdrage.

We willen ertoe doen.

Als we een gezonde levensstijl hebben zijn we ongeveer 1/3 van onze tijd kwijt aan slapen.

Als we een fulltime baan hebben zijn we zeker 1/3 van onze tijd kwijt aan het werk wat we doen.

Dan houden dus ongeveer 1/3 over voor andere dingen.

En toch zoeken veel van ons betekenis en zingeving buiten ons werk.

We werken om iets anders te bereiken. Datgene wat zingeving en betekenis aan ons leven gaat geven.

Die grote reis.

Die nieuwe promotie.

Die uiteindelijke baan.

Of zelfs dat gelukkige gezin in dat mooie huis.

Dat vakantiehuisje.

We werken vaak voor iets waarvan we geloven dat dat hetgeen zal zijn wat betekenis gaat brengen, wat het leven de moeite waard gaat maken. Maar we stoppen geen betekenis en zingeving in het werk zelf. Ik ben de laatste tijd wat in Prediker aan het lezen. En de schrijver, waarschijnlijk Salomo was een koning. Hij had een baan waarvan je zou denken dat deze behoorlijk veel voldoening en betekenis zou kunnen geven. Toch zegt hij:

Maar toen nam ik alles wat ik ondernomen had nog eens in ogenschouw, alles wat mijn moeizaam gezwoeg me opgeleverd had, en ik zag in dat het allemaal maar lucht en najagen van wind was. Het had geen enkel nut onder de zon. (Prediker 2:11)

en:

Ik kreeg een afkeer van het leven. Elke bezigheid onder de zon ging me tegenstaan, want het is niet meer dan lucht en najagen van wind. Van alles waarvoor ik me had afgebeuld onder de zon kreeg ik een afkeer. Ik zou het moeten achterlaten voor mijn opvolger, en wie zou kunnen zeggen of hij wijs of dwaas zou zijn? Toch zou hij de macht verwerven over alles wat ik met mijn wijsheid had bereikt. Ook dat is enkel leegte. (Prediker 2:17-19)

En wat we volgens mij van Salomo kunnen leren is dat wanneer we werken voor het geld in plaats van voor betekenis, dan wordt alles betekenisloos. Je verliest de betekenis en zin van je leven als je werkt voor geld omdat je denkt dat je met geld je leven betekenisvol kunt maken. Salomo lijkt in Prediker toe te geven dat hij werkte voor van alles en nog wat maar geen betekenis kon vinden in het werk zelf. Als we voor geld werken in plaats van voor betekenis wordt ons leven betekenisloos. De les lijkt:

Zoek geen betekenis in je werk.

Maar geef betekenis aan je werk.

We zien werk vaak als hetgene wat we nodig hebben om iets buiten het werk te bereiken. Dat begint al in je pubertijd. Ik had een krantenwijk omdat ik een discman wilde kopen. Of een muziekinstallatie. Ik zwoegde een zomer in de kassen omdat ik iets wilde kopen. We werken om iets te bereiken. En die houding ten opzichte van ons werk nemen we gemakkelijk mee de rest van ons leven.

Maar als we werken voor betekenis in plaats van betekenis te geven aan ons werk wordt ons leven betekenisloos.