Waarom ik (nog net geen) vegetariër ben… (een half jaar later)

Een half jaar geleden schreef ik de blogpost “Ik ben (nog net geen) vegetariër (geworden)” en de reacties overweldigde mij een beetje. Die dag had ik duizend bezoekers op m’n site en de dagen daarna was dat ook nog merkbaar (terwijl het normaal een beetje rond de 50 schommelt). De vele ‘likes’ en reacties gaven ook aan dat dit thema een gevoelige snaar raakte. Een half jaar later wil ik je vertellen hoe mijn keuze er nu dagelijks uitziet.

Allereerst ontkomt je er niet aan dat het regelmatig onderwerp van gesprek is. Bedoeld en onbedoeld. Want eten.. Het is iets heel persoonlijks. Dat heb ik wel geleerd. Het zit diep. Zodra je gaat morrelen aan iemand zijn waarden over eten kunnen de spanningen zomaar ineens hoog oplopen. Dat bleek ook wel de afgelopen maanden. Mensen gaan zich spontaan verdedigen, of kiezen juist voor de frontale aanval. Op zoek naar een manco in mijn gedrag of verhaal om op een of andere manier zichzelf te kunnen distantiëren.
Dat ik bijvoorbeeld (nog) wel vlieg naar een vakantiebestemming. Of kleding draag waarvan niet zeker is of deze onder kosjere arbeidsomstandigheden zijn gefabriceerd.

Interessant eigenlijk. De overweldigende mondiale problemen rond milieu, (slaven)arbeid en dierenwelzijn lijken voor sommigen aanleiding om dan maar juist helemaal niets te doen. En ze willen het liefst ook anderen daarin meenemen.

Laten we met z’n allen niets doen. Het heeft toch geen zin.

Maar duidelijk is, de keuze om vegetariër te zijn lijkt veel mensen direct uit te dagen dat zij dat ook zouden moeten doen, ook al zeg je hier niets over.

Overigens even resumerend, in die vorige blogpost “Ik ben (nog net geen) vegetariër (geworden)” gaf ik een paar argumenten waardoor ik zelf tot de conclusie ben gekomen geen dieren meer te eten. Dat waren:

  • Milieuoverwegingen
  • Dierenwelzijn
  • De verdeling tussen arm en rijk en
  • Gezondheid

Verder ben ik strikt genomen geen vegetariër, al noem ik mij wel zo. Mijn principe is namelijk deze:

Ik heb me voorgenomen om te eten wat me wordt voorgezet maar zelf geen dieren meer te kopen of te bereiden. Als ik een voorkeur mag aangeven is deze vegetarisch.

Dit betekent in de praktijk dat wij thuis altijd vegetarisch eten. En dat bevalt overigens zeer goed! Verder betekent dit dat ik in een restaurant altijd eerst de vegetarische opties bekijk maar als dit er maar één (of soms zelfs geen!) is en dit spreekt me niet aan dan eet ik met een schoon geweten een stukje biologisch vlees.
Als ik bij vrienden of familie eet, laat ik mij alles goed smaken. Relaties gaan boven principes hierin.

Mis ik het? Zeker.
Sommige dingen mis ik.

Een broodje kroket bijvoorbeeld. Nu zijn wij gek op een pita falafel! Vooral die van Mafaldo!
Of een goede chorizo bij de borrel. Dat is nu wat turks brood met humus, olijven, en nog wel steeds een pittige gorgonzola.
Of uitgebakken spek op een gebakken ei op zaterdagmorgen… Dat is nu havermout op soja of rijst basis met vijgen, dadels, gedroogde abrikozen en elite haver. Ook heel smakelijk.

Lunch en ontbijt zijn niet zo moeilijk. Je koopt geen vleeswaren meer. Dat is het eigenlijk. Voldoende alternatieven. Ik ben zelf gek op avocado, tomaatjes, humus en tapenades. Vaak op geroosterd brood. Maar een boterham met pindakaas blijft ook een geschenk uit de hemel.

Het avondeten vraagt een omslag. Wij hebben in onze cultuur geleerd om compleet ‘vanuit het vlees’ te denken. We bedenken eerst dat we ‘zin’ hebben in een homp biefstuk en daar verzinnen we wat garnituur omheen. Een stronkje broccoli, een gebakken aardappeltje en misschien wat salade. Als je dan de biefstuk wegdenkt houd je inderdaad niets over.

Vlees, dat marineren we, hebben we mooie sausjes voor, dat wordt geroosterd, gegrild, gepocheerd of gestoomd.
Groente? Dat wordt tot snot gekookt en zonder enige vorm van creativiteit op tafel gekwakt. Een beetje overdreven natuurlijk maar zo gaat het vaak wel.

Een geroosterde pompoen met knoflook, salie en een pistachedukka (een briljant gestampt notenmengseltje van pistachenootjes, venkel, karwij, komijn, gedroogde pepertjes, sesamzaad en korianderzaadjes) is opeens een heel ander verhaal. Zodra je groenten dezelfde VIP behandeling geeft die vlees vaak krijgt gaat er al een wereld van smaken voor je open.

Kortom, je gaat weer nieuwe dingen leren in de keuken! En als je daar van houdt (zoals ik!) dan is dat geen straf! Een fantastisch kookboek waar ik veel inspiratie uit haal is VEG.

Hier zou ik nog veel meer over kunnen vertellen maar dan moet ik misschien een vegetarische kookblog beginnen… Een vraag die ik wel vaak krijg is, is het nou gevarieerd? En dat is het zeker. Een paar voorbeelden uit ons menu: Een risotto blijft favoriet met paddestoelen en goede grana padano. Soms een rijke soep met veel groente, lekker stokbrood en een gevulde salade. Soms een AVG’tje (aardappelen, groente, vleesvervanger ;-)… Sommige vleesvervangers zijn echt lekker! De Javaanse schijf met een lik satésaus valt hier in goede aarde! Indische curry’s zijn vegetarisch zeer goed te nassen. Een mexicaanse bonenschotel met citroenguacemole en wraps, een aantal pastareceptjes doen het goed, met verse pesto bijvoorbeeld en peulvruchten. Verder dus met regelmaat een broodje falafel! Met rode bietjes, komkommer en veel knoflooksaus!

Voor meer inspiratie, klop bij me aan!
De vegetarische levenstijl bevalt mij tot nu toe erg goed!