En laten we nu een tijd van aanbidding hebben… (II)

In mijn laatste post ‘and now let’s move into a time of nonsense’ beschreef ik al even een beetje mijn worsteling met aanbidding. Inmiddels zijn we een tijdje verder en heb ik weer wat verder nagedacht over en ge-experimenteert met dit hete hangijzer. Ik wordt nog steeds met een behoorlijke regelmaat gevraagd om aanbidding te leiden op allerlei verschillende bijeenkomsten (Navigators, Crossroads, Vineyard, etc). Perfecte momenten om door te blijven denken en praten (en proberen!) over aanbidding.

Alleen het woord al heeft bij vele een evangelisch/charismatisch smaakje waarin we ‘een tijd hebben’ van liederen zingen en in Nederlandse context betekent dat meestal uit de bundel voor vele bekend: opwekking. Ik mijn persoonlijke geloofswandel heb ik een ‘bumpy road’ gekent wat betreft aanbidding, geloofsbeleving, kerk-zijn en dat soort zaken. Ik ben zelf gereformeerd-vrijgemaakt opgevoed waar ik recalcitrant en puberaal als ik was, maar weinig uit de voeten kon met de traditionele vormen. Als deze niet ‘internaliseren’ en diepe persoonlijke betekenis krijgen kunnen ze vaak verstikkend werken en ligt wetticisme of grondige weerstand op de loer. In mijn geval het laatste en in mijn Navigators studententijd kwam ik dan ook eigenlijk pas echt tot ‘levend geloof’, zoals ik dat nu tracht te verwoorden. Consequentie daarvan was dat ik mij met vol enthousiasme in de intense geloofsbeleving van onze charismatische broeders stortte. Een zeer goede vriend verwoordde de vrucht daarvan wel eens als het idee dat je constant een worst wordt voorgehouden en als je hem wilt pakken grijp je elke keer net mis. Mijn charismatische tijd was pijnlijk genoeg ook een tijd van verwarring en teleurstelling. ‘Kom nu naar voren als je…’ impliceerde vaak een belofte dat het daar voorin ‘instant’ zou gaan gebeuren. En een illusie armer liep ik dan ook vaak weer terug naar mijn stoel. Ik herinner mij misschien wel in het bijzonder de momenten dat er in de drukte vooraan zelfs überhaupt niet voor mij gebeden was.

Die impliciete belofte (hoewel regelmatig ook zelfs zeer expliciet) die niet kon worden waargemaakt gold ook wel een beetje voor de aanbidding. Aanbidding heeft inmiddels kenmerkende vormen aangenomen in de charismatische beweging. Ze was intens, wat ook wel vrucht bewerkte, maar vaak ook voor mij een kloof creëerde tussen de zondagsdienst en het alledaagse. Soms kon ik die kloof zelfs al ervaren als ik de kerk uitliep. De dienst en de straat hadden voor mij zo weinig met elkaar van doen.

Maar dat was eigenlijk niet het onderwerp van deze post. Want na bijna 10 jaar zelf betrokken te zijn in het leiden van (en zoeken naar) aanbidding merkte ik dat ik, ook door mijn persoonlijke geloofsontwikkeling van het laatste jaar een sterkere honger dan ooit had naar aanbidding met diepgang. En met diepgang bedoel ik dus niet die emotionele intensiteit die we in de charismatisch vleugel van het lichaam van Christus zo dikwijls tegenkomen. Dat kan, maar dat hoeft niet. Diepgang is voor mij op dit moment ook dat heden en verleden elkaar ontmoeten. Dat woorden en melodieën ons echt uitnodigen om af te steken naar de diepte. Dat we in het ‘hier en nu’ leren van hen die ons zijn voorgegaan maar ook zelf woorden geven aan onze verwondering. Dat verstand en emotie in harmonie samenwerken en ondergeschikt worden gemaakt aan God. Dat we ons voeden met de diepe rijkdom van Zijn genade en openbaring. Aanbidding is werkelijk ontzag voor God. Het is stappen in het mysterie van ‘God met ons’ en vandaar reageren, ontvangen en veranderen. Mooier verwoordden dan William Temple kan bijna niet:

Aanbidding is het wakker maken van het geweten door de heiligheid van God, het voeden van het verstand met de waarheid van God, het zuiveren van ons voorstellingsvermogen door de schoonheid van God, het openen van het hart voor de liefde van God, het toewijden van de wil aan het doel van God.

Als er een vorm bij uitstek geschikt is, en misschien zelfs wel bedoelt is om tot ons te spreken over het karakter en wezen van God dan is het de Kunst. Misschien een interessant onderwerp voor een volgende post, maar het gebruik van iconen zou wat mij betreft dus ook geherintroduceerd mogen worden in contemporaine aanbidding. Maar met kunst bedoel ik niet alleen de beeldende kunst, al is deze misschien wel het meest veronachtzaamt in onze aanbidding. Het is muziek, gedichten, schilderijen, gebeden, iconen en wat al niet meer.

Vanuit Navigators werd er dit jaar werd voor nestoren en kringleiders weer een toerusting weekend georganiseerd. Voor de nestoren (de leiders van de disputen) begon deze toerusting al op woensdag. De kringleiders sloten vrijdag aan. Aan mij was gevraagd om naast het optrekken met de aanwezige NSA’ers ook de aanbidding te verzorgen. In de fotoslideshow hieronder een klein beeldend verslag van hoe we te werk zijn gegaan.

[nggallery id=1]

Een van de dingen die Stefanie (mijn vrouw) en ik hebben geprobeerd te introduceren (en dat willen blijven doen) is het gebruik van zogeheten prayer stations. Ik zoek nog naar een geschikte Nederlandse vertaling van dit woord. Gebedshalte, vind ik zelf wel aardig. Een plek waar je wordt stilgezet. Om na te denken, te reflecteren en uiteraard, te bidden. Een prayerstation wil je meestal helpen om stil te staan en te bidden bij 1 ding in het bijzonder. Zo hadden wij bijvoorbeeld een gebedshalte die zich richtte op het doorwerken van het woord van God in je leven: De Akker. Het ging over de gelijkenis van de zaaier. We hadden een bak waarin de verschillenden typen grond (weg, steen, dorens en goede grond) werden uitgebeeld. Zie ook de foto’s. Je kon zelf een zaadje planten in een bakje met aarde. De vraag hierbij was: denk eens na over het woord van God. Hoe diep mag het landen in de grond van jouw hart? Hoe werkt het door in je leven?

Een andere station ging over bagage. Wat draag je met je mee wat je eigenlijk achterlaten. Mag je wegdoen. We hadden een kruis neergezet en dat omwonden met kippengaas waar kleine propjes papier tussen gestopt konden worden. Elke station was omringt met gebeden, gedichten en afbeeldingen, iconen en schilderijen om te helpen stil te staan, te bidden, te aanbidden en uiteindelijk… te veranderen.

Ook in de tijden van aanbidding ging ik nu, ik zou haast willen zeggen, liturgischer te werk door tijdens de ‘tijd van aanbidding’ gebruik te maken van gedichten, gebeden, schilderijen, luisterliedjes en samenzang uit zowel traditionele als hedendaagse hoek.

En de reacties waren met name positief. Ik merk dat ik persoonlijk soms nog rekening houd met kritische geluiden aan charismatische gelederen, al heeft dat misschien meer met mijzelf te maken. Voor mezelf merk ik in ieder geval dat ik voor nu de juiste weg ben ingeslagen.