Een her-introducering van… De biecht!

We zijn er zeker vanuit de Protestantse gelederen niet meer zo vertrouwd mee: De biecht. Ik weet nog dat ik jaren geleden voor het eerst mee ging met een zomerconferentie van de Navigators en dat de spreker sprak over echtheid. En hij vertelde dat het Engelse woord ‘sincerity’ komt van het Latijnse woord ‘sincere’, wat ‘zonder was’ betekent. Het was in het oude Rome gebruikelijk dat een beeldhouwer zijn werk soms met een laagje was bedekte om kleine scheurtjes en beschadigingen mee te verbloemen. Deze was kon men bijna niet van echt steen onderscheiden als dit goed was aangebracht. Als een beeldhouwer echter een uniek meesterwerk had afgeleverd en hij geen enkel foutje had gemaakt dan kreeg zijn werk het stempel ‘sincere’. Zonder was. Feilloos. Niets op aan te merken. En de spreker trok dit door naar hoe ‘zonder was’ wij nog zijn vandaag. We zijn zo bezig met het verbloemen van al onze gebreken, onze fouten, onze donkere kanten, zonden en plekken van schuld en schaamte. Maar door iets te verbergen kunnen we op die plek die we verbergen ook geen vergeving en acceptatie ontvangen. We moeten komen op een plek van echtheid. Een hedendaagse vorm van de ‘biecht’ helpt ons daarbij.

De biecht, ook wel boetesacrament, sacrament van de vergeving of sacrament van boete en verzoening genoemd, is een van de zeven sacramenten van de Katholieke Kerk. In dit sacrament kan de priester in Christus’ naam zonden vergeven. De biecht wordt gebaseerd op de woorden die Jezus Christus heeft gericht tot zijn Apostelen op de dag van Zijn Verrijzenis : “Wier zonden gij vergeeft, hun zijn ze vergeven, wier zonden gij niet vergeeft, hun zijn ze niet vergeven.” (Joh. 20, 23).

Richard Foster schaart de Biecht onder, wat hij noemt, de ‘gemeenschappelijke beoefening van het geestelijke leven’. Hij schrijft:

Als we weten dat de kinderen van God allereerst een gemeenschap van zondaren vormen, worden we zo bevrijd dat we de onvoorwaardelijke roep van Gods liefde horen en onze nood openlijk voor onze broeders en zusters kunnen blijden.

Dietrich Bonhoeffer schreef:

Een mens die zijn zonden belijdt in de tegenwoordigheid van een broeder weet dat hij niet langer alleen is met zichzelf; hij ervaart de tegenwoordigheid van God in de realiteit van de ander. Zo lang ik alleen ben bij mijn belijden van zonden blijft alles in het duister, maar in de aanwezigheid van een broedermoet de zonde in het licht worden gebracht.

Augustinus van Hippo zei:

Het belijden van boze werken is het begin van goede werken

Spreuken 28:13 zegt: Wie zijn overtredingen bedekt, zal niet voorspoedig zijn; maar wie ze belijdt en nalaat, die vindt ontferming. Het Hebreeuwse woord wat daar gebruikt wordt voor ‘ontferming’ is “Racham” Het is hetzelfde woord wat we vinden bij de ‘ontferming’ die een moeder heeft voor haar kind. Diepe liefde. Diepe genade. Tedere affectie, is ook een mogelijke vertaling. Wie zonden belijdt en nalaat vindt ‘tedere affectie’.

Ik hoorde Lin Button ooit eens zeggen: “Schaamte is als een regenjas voor de ziel”. We kunnen de acceptatie, de liefde en genegenheid van broers en zussen en uiteindelijk van God zelf niet ontvangen als we alles bedekken met een laagje was. We hebben een bevrijdende gemeenschap nodig die authentiek devoot durft te zijn. Heb je wel eens een leugen verteld en je moest weer een leugentje vertellen om de vorige leugen in stand te houden?

“Nee, ik heb niemand verteld wat je mij hebt verteld…??”

“Weet Mark het?”

“Je had het alleen maar aan mij verteld…”

“Wie is Mark?”

“Dat is raar… Ik zou misschien iets gezegd kunnen hebben…”

“Ik wilde helpen om meer specifiek te kunnen bidden…”

En de druk wordt groter en groter… En het ene leugentje moet het andere bedekken… En weer wat verdraaien. En weer een beetje mooier voordoen dan het in werkelijkheid is. Het is haast verslavend. En dan vertel je het echte verhaal. Je had het doorverteld en vertrouwen beschaamd… Belijden is de waarheid vertellen. “Ja, ik heb het verteld. Ik heb je vertrouwen beschaamd”.

Belijden blijkt bevrijden.

Opluchting.

Belijden is: De werkelijkheid in de ogen kijken. De waarheid in de ogen kijken.

Ik luisterde niet…
Ik loog…
Ik weet het niet…
Het spijt me…
Ik was het vergeten…
Ik was egoïstisch…
Ik was geïntimideerd…
Ik kan het niet bijhouden…

En we kiezen ervoor om ‘zonder was’ door het leven te gaan. Want alleen dan kan ook die plek aangeraakt worden met acceptatie en liefde. met ‘diepe ontferming’.Het geneest ons.

Tedere affectie.

Ik ben niet zo vaak ziek. Maar toen ik in India was en een verkeerde hamburger had gegeten, heb ik het geweten. Kotsend hing ik boven de WC. Alles kwam eruit. En wat deed mijn vrouw… Ze zat naast me en streek zachtjes over mijn rug.

Tedere affectie.

Juist als alle troep naar buiten komt kunnen we soms op onverwachte momenten diepe genade vinden. En diepe liefde. Soms is belijden het ‘eruit kotsen’. Maar er is een geheim in het belijden. Belijden is bevrijden. Als we echt willen leven in authentieke gemeenschap met anderen zal de behoefte naar echtheid groeien. Hoe we dit vorm kunnen geven? Uiteraard zorgvuldig en doordacht. Zelf ontmoet ik elke week twee vrienden met wie we samen bidden, elkaar spreken, bevragen, ontmoeten en onszelf in het licht brengen.