Amos: Profeet van de gerechtigheid

Voor het vak “Oude Testament” wat ik volg aan Tyndale Theological Seminary moest ik als een van de eindopdrachten een paper schrijven over een OT bijbelboek naar keuze. Vanuit mijn (recente) interesse voor sociale gerechtigheid heb ik gekozen voor de profeet Amos. Amos gaat als geen andere profeet over het sociale onrecht wat op dat moment gaande is in Israel en waar de profeet tegen preekt.

Hier een korte samenvatting. De paper is ook te downloaden.

Het Amos, genoemd naar de gelijknamige profeet is de derde profeet in de ‘de twaalf’ in de Hebreeuwse bijbel. Men is behoorlijk nauwkeurig in wanneer Amos heeft geleefd: zo ergens 750 voor Christus. Amos was een schapenscheerder die leefde in Tekoa een plaatjse in de wildernis van Judah, zo’n 8 kilometer van Jeruzalem. Amos leefde tijdens de regering van Uzziah, koning van Judah en Jerobeam II, de koning van Israel (het 10 stammen rijk). Amos predikte in het 10 stammenrijk in een periode van grote welvaart en voorspoed.

Tijdens de regering van Jerobeam II was Assyria zwak en Syria op zijn retour. Jerobeam II was een sterke leider die het land wist uit te breiden. Een generatie die niet met oorlog bekend was begon zich te concentreren op meer materiale zaken, wat al snel resulteerde in een vraag naar luxe en comfort.

Het boek Amos dealt met de malaise van Israel, haar veroordeling, maar ook het toekomstige herstel van Israel. Amos adresseert herhaaldelijk politieke en sociale tekortkomingen van Israel, in tegenstelling tot Hosea, die zich veel meer concentreert op de religieuze/geestelijke tekortkomingen van Israel.

De structuur van het boek Amos is relatief eenvoudig en eenduidig. In de eerste twee hoofdstukken draait het om de veroordeling van de omringende naties, in de hoofdstuk 3-6 is Israel zelf aan de beurt en in de hoofdstukken 7-9 worden een aantal visioenen beschreven die Amos ontving.

Profetie tegen de naties

Amos profeteert tegen acht naties en de laatste is Israel. Deze profetieen omringen Israel ook geografisch. Syria is noord-oost, het land van de filistijnen in het zuid-oosten, Tyrus in het noord-westen, Edom, Ammon en Moab in het zuid-oosten. Judah in het zuiden en uiteindelijk Israel in het midden. De heidense naties worden hier met name veroordeeld voor hun oorlogsmisdaden. Maar deze profetieen tegen de naties vormen meer een retorisch doel dat toewerkt naar de uiteindelijk veroordeling van Israel. De luisteraar staat lange tijd instemmend te luisteren naar de veroordelingen van de andere naties totdat Amos plotseling zijn pijlen op de luisteraar zelf richt.

Profetieen tegen Israel

De hoofdstukken 3 tot 6 kunnen worden onderverdeeld in drie delen. Twee delen bevatten als het ware een diagnose (H0s. 3 – 4:5; 6:1-14) die een passage waarin een appel wordt gedaan omringen. De eerste diagnose gaat over sociale (Am 3:9-11), persoonlijke (Am 3:12) en religieuze (Am 3:13-15) aspecten van het leven en de zonde van zelfgenoegzaamheid wordt benoemd (Am 4:1-5). De rijken hadden hun zomer en winterpaleizen die met ivoor waren versierd (Am 3:15), dure banken met damasten kussens (Am 3:12). De vrouwen van Samaria verdrukten de geringen en vertrapten de armen (Am 4:1) zodat ze genoeg wijn te drinken hadden. Amos noemt deze vrouwen als koeien van Bashan (Am 4:1). En ze zijn doorgegaan met hun kwalijke praktijken ondanks de waarschuwingen van Yahweh (Am 4:6-11). De mensen moeten zich maar klaar gaan maken om hun God te ontmoeten (Am 4:12). God heeft herhaardelijk gewaarschuwd door omstandigheden (Am 4:6-13) en door de stem van de profeet (Am 5:1-27). Hij roept zijn volk terug naar Hemzelf (Am 4:6,8,9,10,11; 5:4,5,14,22-24). Zijn roep om bekering (Am 4:6) richtte zich op geestelijke (Am 5:4-13), morele (Am 5:14-20) en religieuze (Am 5:21-25) aspecten van hun leven, maar het lijkt allemaal geen zin te hebben. Het leid tot Gods oordeel en straf over Israel.

De visioenen

In de hoofdstukken 7-9 geeft de profeet een autobiografisch verslag van vijf visioenen die hij ontving. De eerste vier (Am 7:1-3,4-6,7-9; 8:1-3) zijn aardig vergelijkbaar maar verschillen duidelijk van het vijfde visioen (Am 9:1-10). In de eerste vier visioenen laat God ‘dingen zien’ of gebeurtenissen. Verder is er dialoog tussen Amos en God. Maar in het vijfde visioen ziet Amos de HEER zelf en is er geen dialoog. Amos luistert in stilte naar de woorden van Yahweh.

De eerste twee visioenen beschrijven gebeurtenissen en zijn vrijwel identiek wat betreft structuur (de sprinkhanen en de droogte). God laat Amos zien dat hij een zwerm sprinkhanen aan het voorbereiden is die het land compleet zal kaalvreten. Vervolgens laat de HEER zien dat hij het vuur bevel gaf het land te verteren. Het is het meest aannemelijk dat het hier om een extreme woestijndroogte gaat. Deze eerste twee visioenen representeren de twee grootste bedreigingen voor de agricultuur van die tijd. Sprinkhanen en droogte. Ze hebben geen extra uitleg nodig. In beide gevallen smeekt Amos God om het niet te doen. En God krijgt medelijden en ziet af van de straf (Am 7:3,6).

Het tweede paar visoenen beschrijft objecten (een loden voorwerp en een mand met rijp fruit). Deze twee visioenen hebben wel extra uitleg nodig. In de eerste twee visioenen kan Amos God nog op andere gedachten brengen. In de tweede paar is er geen weg meer terug. De uitleg over het ‘lood’ in de hand van God is niet eenduidig. De meest gangbare uitleg is dat het hier gaat om een lood wat gebruikt werd om te meten. een paslood. Het lood in de hand van God is hierbij de Torah. Hij legt de Torah langs zijn volk om te meten of deze ‘recht’ is. In het twee visioen ziet Amos een mand met rijp fruit. Net als het fruit is Israel rijp voor het oordeel.

Het boek eindigt met het vijfde visioen, wat plotseling een visioen is van genade en herstel. De natie die niet langs het paslood van de Torah gelegd kon worden (Am 7:7-9) zal hersteld worden (Am 9:11-12). De natie die rijp is voor het oordeel net als rijp fruit weggegooid kan worden (Am 8:1-3) zal opnieuw genieten van een vruchtbaar land (Am 9:13-15)

Download hier de paper over Amos