And now let’s move into a time of nonsense…
Dat is de titel van een boekje wat ik recent ik mijn brievenbus vond. Why worship songs are failing the church, is de ondertitel. En de timing was verrassend. Ik had net een week achter de rug op de zomerconferentie van de Navigators waar ik verantwoordelijk was voor de aanbidding. Samen met een paar anderen hebben we die week dagelijks zo’n 190 man voor mogen gaan in aanbidding. En ik draai alweer een aardige tijd mee in het christelijke circuit als, wat men noemt, aanbiddingsleider. Maar het was weer even nieuw om met Nederlandstalige aanbidding te werken. Sinds Stefanie en ik betrokken zijn bij Crossroads International Church in Amstelveen zijn de songs die we zingen Engelstalig. Dus ook in die drie en een half jaar dat ik de aanbidding leidde in Crossroads was ik natuurlijk in mijn voorbereiding en dergelijke alleen maar Engelstalig bezig. Voor deze zomerweek moest ik mijn opwekkingsbundeltje weer eens onder het stof vandaan halen. En dat was even schrikken.
Laat het huis gevuld zijn met wierook van aanbidding. Laat het huis gevuld zijn met de wolk van mijn Geest. Laat het huis gevuld zijn met het brood van eeuwig leven. Laat het huis gevuld zijn met mijn Geur. (opw 623)
of
Dit is de tijd van Elia die ‘t woord van de Heer tot ons spreekt. En dit is de tijd van mijn dienstknecht Mozes die ‘t juk van het onrecht verbreekt. (opw 570)
Waar gaat dit over??? Mijn voorstellingsvermogen kon het niet laten een beeld aan mij op te dringen van een tempel vol met volkorenbroden en een vreemd geurtje (dat van versgebakken brood?). En wat is in vredesnaam de tijd van Elia? En het is ook de tijd van Mozes? Twee mannen uit de bijbel wiens tijd wel een beetje geweest is… En ze leefden niet eens in dezelfde tijd… Andere steekwoorden als je wat verder bladert in de opwekkingsbundel: lofgewaad, offer, leger van de Heer, Tweesnijdend zwaard, zalving, bruidegom, zilver, goud, morgenster…
Het stond ineens zo ver van me af. Het leek wel of de drie jaar dat ik niet echt met opwekking te maken heb gehad een bepaalde afstand hadden gecreëerd waardoor ik nu met een wat ‘normalere’, niet-christelijke bril naar opwekking kon kijken en schokkend moest vaststellen: zelfs ik begrijp dit niet! En als ik het al begreep, dan was ik me wel zeer bewust van het feit dat je enkele jaren christen-ervaring nodig hebt om met het jargon uit de voeten te kunnen. Begrijp me niet verkeerd, ik pleit niet voor een vervlakking van onze aanbidding waarin we alleen nog maar in straattaal God kunnen aanbidden. Sommige woorden zijn immers zo rijk en gaan al zoveel eeuwen met ons mee, dat moeten we zeker niet overboord gooien. Maar is dit wat hedendaagse liedjesschrijvers ons doen zingen?
Met die vragen trof ik dus een week later het treffende boekje ‘And now let’s move into a time of nonsense’ in mijn brievenbus (dankjewel, Guido!). Nick Page, de schrijver, had een beetje hetzelfde probleem. Kort gezegd verklaart hij de oppervlakkigheid en het ondoorgrondelijke jargon (twee verschillende problemen) in aanbidding voor een deel met de verschuiving van een poetische benadering naar een ‘rockstar’ model. Vroegere hymnes werden geschreven, niet alleen om te inspireren maar ook om de zingende gemeente er iets mee te leren. Hymnes werden geschreven in een tijd en cultuur waar poëzie nog een van de grootste kunstvormen was. Hymne schrijvers waren in de eerste plaats poëten. Vandaag de dag is het model voor liedjesschrijvers de popsong. Liedjes zijn niet langer gedichten op melodie maar in de eerste plaats ‘catchy’ melodietjes, met ook nog wat tekst. Uiteraard zijn er genoeg voorbeelden te noemen van prachtig geschreven hedendaagse worshipsongs, maar een beetje generaliserend kunnen we toch voorzichtig vaststellen dat het bij hedendaagse worship, net als in de popsong, niet zozeer gaat om een ‘diepe gedachte’ maar meer om een ‘intens gevoel’. Het liedje moet je meenemen.
Een andere verklaring voor de neergang in worship is volgens Page te vinden in het feit dat vandaag de dag de poëet en muzikant verenigt moeten worden in dezelfde persoon. En dat terwijl het vroeger veel normaler was om liedjes in de context van een team te schrijven. Kortom:
The worship song is modelled on the pop song rather than the poem; this leads to a downgrading of the importance of the lyric.
en
Too much worship is based on the pop concert; Worship leaders are therefore being pushed into the role of rock stars. But worship leaders are servants; plus this has led to an emphasis on emotion and difficulties in encouraging effective worship in churches which cannot meet the musical challenges.
Is dit boekje dan het zoveelste voorbeeld van zo’n zuurpruim die niks goed vindt? Ik denk het niet. Deze man is gepassioneerd over aanbidding en hoe we dat vandaag de dag vormgeven. Liedjes gaan soms jaren (soms zelfs eeuwen) met ons mee. Een theoloog of gepassioneerde spreker kan wel duizend keer spreken in zijn leven, over 100 jaar is toch iedereen het vergeten. Maar een liedje als ‘Light of the world’ van Tim Hughes of Shine Jesus Shine van Graham Kendrick kennen we over tientallen jaren nog. Laten we ons daarom druk maken om de kwaliteit van deze songs. Persoonlijk, ook als liedjesschrijver, was ik door dit boekje echt aangemoedigd om met woorden serieus om te gaan. Voor de muzikanten onder ons, geeft Nick Page ook een aantal constructieve tips:
- Techniek is belangrijk, maar vervangt niet het belang van gebed, bijbelstudie en contemplatie. Techniek helpt om deze disciplines op een goede manier vrucht te doen dragen
- Controleer (bij anderen) of je woorden werkelijk betekenen wat je denkt dat ze betekenen
- Ontloop (bijbelse) clichés (stromende rivier) en vermengde metaforen (vuur loutert en gevormd als klei, geen vormend vuur)
- Beter geen rijm dan slechte rijm, en als je rijmt: hou het simpel en sterk
- Geef je werk de tijd om te rijpen, te ontwikkelen en te veranderen
- Dat het in de bijbel staat is geen garantie voor goede lyrics
- Beperk ‘bijbelse’ taal tot een minimum
- Probeer nieuwe beelden te vinden met hedendaagse relevantie
- weersta de verleiding: qoute niet de bijbel maar probeer haar te verkennen en uit te leggen
En misschien de belangrijkst tip: schrijf samen! Zorg dat je als muzikant dichters en schrijvers om je heen verzamelt die meedenken en schrijven.
Andere Posts die wellicht interessant zijn:
- Church for the ‘unchurched’ (3): Worship
- Worship in Spirit and Truth
- Walter Brueggeman: The noise of Politics
- Christ has no body
- Zes maanden staf…





Jammer…What does it all mean?
Ha Jurjen,
Inderdaad herkenbaar en inspirerend! Ik ga het boekje lezen en er iets mee doen. Wellicht een idee om samen te schrijven?
Ben
Ha die Ben,
Laten we inderdaad eens de daad bij het woord voegen en een zaterdag inplannen om aan het schrijven te slaan!
Jurjen
Ik kan me hier wel in vinden! En ben heel benieuwd wat jullie gaan produceren
Ha Jurjen,
Zo herkenbaar wat je schrijft..
Ik ben nu 1.5 jaar christen maar merkte al snel dat veel worship songs een beperkt vocabulair hebben.
Wat vaak echt een dooddoener is omdat het het dan zo conceptmatig lijkt en de echtheid verliest.
Ook het proberen om een stijl te kopieren van populaire niet christelijke muziek vind ik een slechte keuze, klinkt vaak cheap omdat er vaak niet het budget is om iets goed af te mixen. En is echt killing voor de creativiteit.
Het toppunt van het rockstar gehalte heb ik meegemaakt bij het hillsonglonden/israel houghton concert in zwolle.
Daar werden posters uitgedeeld met de foto van de leadzangers…toen ik dat zag dacht ik echt; volgens mij zijn ze hier de essentie van worship totaal zoek!
Laatst ben ik ene Jason Upton op het spoor gekomen. dat vind ik echt goed. je hoort direct dat het echt is en vanuit het hart komt. Ook mooi om te zien dat De Heilige geest echt de vrijheid krijgt dat is wat ik onder aanbidding versta.
Maar goed ik ben nog een leek op dit gebied, dus ik hoop nog een hoop moois te ontdekken!!
He Sjaak, Ja Jason Upton zit ook in mijn top 3… Diep door gezegend, alleen niet voor iedereen even toegankelijk…
Leuk om te horen dat je het herkent! groeten, Jurjen
Aan de broeders van deze website, gezeten in hemelse gewesten, met mantels van smaragden die van een onvergankelijke natuur zijn in glorie onderdrukt tot de dag der wederkomst.
Ja en ja, wat herken ik mij hierin. Shit!
Maar kennen jullie John Mark McMillan (http://www.thejohnmark.com/) ? Die gast schrijft mooie eerlijke, doch poetische liedjes. Denk aan het lyrische wonder van Bob Dylan in een jasje van Southern Rock. Misschien niet geschikt voor een gemiddelde kerkdienst, maar zeker de moeite waard om te leren van zijn vermogen tot metaforen vinden.
(Excerpt:) Skeleton Bones – John Mark McMillan
Peel back our ribs again and
stand inside of our chest
We just wanna’ love you
We just wanna’ love you
Haha, fritz you made me laugh out loud..
Hoi Jurjen!
Je hebt het boekje goed samengevat! Leuk dat het vrij snel zijn weg vindt in Christelijk Nederland. Ik hoorde dat de Opwekkingsmannen er ook al mee bezig zijn…dus dat is goed nieuws! Voor wie eens andere taal wil horen: Psalmen voor Nu werkt al jaren met het principe van groepsschrijven: dichters, hebraïci en componisten werken samen aan integrale bewerkingen van de psalmen. De moeite waard:) Groetje en alle goeds!
He Roeland, Thanks voor je reactie! Ik dacht alleen dat het boekje al wel een paar jaar oud was?
Anyway, laten we afwachten wat voor uitwerking het heeft… groeten, jurjen